Linux – Navigatie & bestandsbeheer
In dit labo verken je het Linux-bestandssysteem en oefen je met de basiscommando's voor navigatie en bestandsbeheer.
Elke oefening speelt zich af in een terminal op deze pagina. Ze werkt als een echte Linux-terminal: je bladert door je vorige commando's met de pijltjestoetsen, je vult namen aan met tab, en je maakt het scherm leeg met clear.
Je werkt stap voor stap. Boven de terminal staat telkens één opgave. Zodra die klopt, verschijnt de volgende. Zo bouw je de oefening op in de juiste volgorde en kun je geen stap overslaan.
Fout typen mag. Een commando dat niet bij de stap hoort, wordt niet uitgevoerd. In plaats daarvan krijg je uitleg over wat er misgaat: waarom cp iets anders doet dan mv, waarom rm een map niet zomaar verwijdert, of waarom een pad niet klopt vanaf waar je staat. Er kan dus niets stukgaan.
Rondkijken mag altijd. Commando's die niets veranderen, zoals ls, pwd, cat en man, werken in elke stap. Gebruik ze gerust om te controleren wat je gedaan hebt.
Een vergissing rechtzetten kan altijd. Heb je een naam vertypt of iets op de verkeerde plaats gezet, dan mag je dat met rm, rmdir of mv opruimen of hernoemen, ook als dat commando niet bij de huidige stap hoort. Alleen wat de oefening zelf klaarzette blijft staan, zodat je jezelf niet kunt vastzetten. Typ je een naam verkeerd, dan wordt het bestand trouwens niet eens aangemaakt: je krijgt eerst te horen welke naam de opgave vraagt.
Loop je vast, dan vraag je een hint, of je springt via de knop naar het stuk theorie waar het over gaat. Met Opnieuw beginnen zet je een oefening terug naar de starttoestand.
Je voortgang blijft bewaard. Je bestanden, je stappen en je commandogeschiedenis worden in je eigen browser opgeslagen. Je mag de pagina dus sluiten en er later verder aan werken.
Werk je liever op je eigen machine of op een virtuele Linux? Dat mag, de opdrachten zijn dezelfde.
Oefening 1 – Het systeem verkennen
Je leert je oriënteren: waar sta je, wat ligt er, hoe ga je ergens naartoe en hoe kom je weer thuis.
Je start in je eigen home directory. Verken van daaruit het bestandssysteem en kom daarna weer thuis.
Zoek uit in welke map je op dit moment staat. Toon het volledige pad.
ls, pwd of cat mag altijd.Oefening 2 – Bestanden lezen
Een bestand openen kan op verschillende manieren. Welke je kiest, hangt af van hoe lang het bestand is en van wat je erin zoekt. In de laatste stappen zoek je zelf een optie op in de handleiding.
Er zijn verschillende manieren om in een bestand te kijken. Welke je kiest, hangt af van de lengte van het bestand en van wat je zoekt.
Toon de inhoud van /etc/os-release. Welke Linux-distributie draait er op dit systeem?
ls, pwd of cat mag altijd.Oefening 3 – De schatzoektocht van Kapitein Linux
Je helpt Kapitein Linux zijn schip en schatkamer organiseren. Je maakt bestanden en mappen aan, verplaatst voorwerpen naar de juiste ruimte, legt een kopie van de schatkaart aan en vernietigt die weer voor de vijand ermee gaat lopen.
Let onderweg goed op het verschil tussen verplaatsen en kopiëren. Dat is precies waar de kapitein zijn kaart aan kan verliezen.
Je helpt Kapitein Linux zijn schip en schatkamer op orde te brengen. Zet eerst de wereld op, organiseer daarna het schip en breng ten slotte de schat in veiligheid.
Maak in je home directory een map met de naam schatzoektocht.
ls, pwd of cat mag altijd.Oefening 4 – Hulp zoeken
Je hoeft geen enkele optie vanbuiten te kennen, maar je moet ze wel kunnen terugvinden. In deze oefening zoek je drie keer een vlag op in man of --help, en pas je ze meteen toe.
Je hoeft geen enkele optie vanbuiten te kennen. Je moet ze wel kunnen terugvinden. Zoek telkens eerst het antwoord op in de handleiding en pas het daarna meteen toe.
Open de handleiding van cp en zoek de vlag waarmee je de originele tijdstempels behoudt.
ls, pwd of cat mag altijd.Oefening 5 – De keuken en de kamer
Je richt een huis in door voorwerpen in de juiste kast of kamer te leggen. Het addertje zit in de volgorde: zodra je een kast verhuist, verandert het pad naar alles wat erin zit. Wie dat vergeet, typt een pad dat niet meer bestaat.
Je richt een huis in. Let goed op waar elk voorwerp terechtkomt: soms verhuist een hele kast met zijn inhoud mee, en dan verandert het pad naar wat erin zit.
Maak een map mijn_huis aan.
ls, pwd of cat mag altijd.